|
Verslag: |
Na een warme zonnige dag is ’s avond het
weer compleet omgeslagen, en uiteraard
gaat dan de pieper. Wanneer de schipper
van het zeiljacht Manhattan gewekt wordt
door het ankeralarm, bemerkt hij
inderdaad een krabbend anker en dat hij
richting het Vogeleiland afdrijft. Hij
start te motor en krijgt het anker niet
binnen, daarom gooit hij de lijn los (er
zit nog een ankerboei aan). Bij
inschakelen van de koppeling, smoort de
motor steeds. Dit is voor hem reden om
de reddingboten te alarmeren. We varen
uit en melden ons in bij het KWC. Eerst
krijgen we te horen dat het zeiljacht
Manhattan voor de haven van Medemblik
aan de grond ligt. Een ander jacht geeft
ons de informatie dat het jacht voor het
Vogeleiland ligt. We zetten koers
richting het Vogeleiland, waar we het
jacht ten zuidwesten van het eiland
vinden. Het is niet moeilijk om in de
donkere nacht de boordlichten van het
jacht in nood te lokaliseren, ook seint
hij naar ons. Bij aankomst wordt een
opstapper overgezet. De enige opvarende
maakt het goed, we maken een
sleepverbinding en proberen het jacht
naar dieper water te trekken. De
Hendrika Theodora komt ook ter plaatse
en ontfermt zich over het anker.
Aanvankelijk komt het jacht moeilijk
los, maar uiteindelijk lukt het om het
naar dieper water te slepen. We nemen
het jacht op sleep richting de haven van
Medemblik waar de schipper een vaste
ligplaats heeft. Het motorruim en de
kielbouten worden gecontroleerd. De
motor kan weer gestart worden en ook het
roer heeft geen problemen. De Hendrika
Theodora zet ook een opstapper over. In
de haven van Medemblik wordt de
sleepverbinding gelost en vaart het
jacht opeigen kracht naar de ligplaats.
Aldaar geeft de Hendrika Theodora het
anker weer terug. Er wordt een
donateurskaart overhandigt welke de
schipper in alle rust zal invullen. De
Hendrika Theodora en Bernardine worden
bedankt voor de snelle inzet. |